Het lijkt erop dat een van de blijvende gevolgen van de COVID-19-pandemie de manier zal zijn waarop we werken. Vóór de gezondheidscrisis werkte slechts een klein percentage van de beroepsbevolking tot op zekere hoogte van huis uit, maar dat aantal is vorig jaar aanzienlijk gestegen. Dat stelde bedrijven in sectoren waar telewerk mogelijk is en op voorwaarde dat de nodige IT-infrastructuur beschikbaar was, in staat om de gevolgen van lockdowns of andere beperkingen van hun activiteiten het hoofd te bieden. Al snel werd duidelijk dat deze nieuwe manier van werken niet zou verdwijnen. Een onderzoek van de Federal Reserve Bank van Atlanta in mei vorig jaar stelt dat “het verwachte aandeel van werkdagen thuis zal verdrievoudigen na het einde van de pandemie – van 5,5% naar 16,6% van alle werkdagen.”[1] Het aandeel voltijdse werknemers dat minstens één dag per week thuis zou werken, zal naar verwachting een soortgelijke stijging zien, van 10% naar bijna 30%. Uit een onderzoek van de ECB uit 2020 bleek dat “meer telewerken en een versnelling van de digitalisering de meest geciteerde langetermijneffecten van de pandemie waren.”[2] Meer dan 75% van de deelnemers aan de enquête was het erover eens dat een aanzienlijk groter deel van hun personeel op afstand zal blijven werken. Het McKinsey Global Institute heeft meer dan 2.000 activiteiten in meer dan 800 beroepen geanalyseerd. Hun conclusie is dat de mogelijkheid om op afstand te werken zeer afhankelijk is van de sector, de inhoud van de functie, maar ook van de locatie. “Meer dan 20% van de werknemers zou drie tot vijf dagen per week op afstand kunnen werken, en net zo effectief als op kantoor.” Dat is drie tot vier keer zoveel als vóór de pandemie.[3]

Als deze ontwikkelingen bewaarheid worden, zullen ze grote invloed uitoefenen op de woonplaatskeuze van mensen, de rol van de steden, de behoefte aan kantoorruimte, het gebruik van vervoermiddelen, de noden op het gebied van IT-infrastructuur (ultrasnel internet), enz. Vanuit een zakelijk en macro-economisch perspectief zijn twee factoren bijzonder belangrijk: productiviteit en innovatie. Verschillende argumenten pleiten voor de aanname dat de productiviteit zal toenemen. Werknemers zijn maar enkele stappen van hun bureau verwijderd, waardoor ze geen tijd verliezen aan woon-werkverkeer en dus langer kunnen werken. Vergaderingen beginnen op tijd en zijn doorgaans korter. Minder zakenreizen betekent minder tijd kwijt op de weg of in het openbaar vervoer. Al die factoren kunnen de tevredenheid en efficiëntie van werknemers vergroten. Aan de andere kant kunnen er thuis bronnen van afleiding[4] zijn, mensen kunnen zich alleen voelen, er kan frustratie zijn in het geval van verborgen overuren of een ongepaste werkomgeving thuis[5]. In een enquête in opdracht van Microsoft bij 9.000 managers en werknemers in grote bedrijven in 15 Europese landen over thuiswerken tijdens de pandemie, was het percentage respondenten dat dacht dat de productiviteit was gestegen hoger dan degenen die het tegenovergestelde dachten[6]  Een Brits onderzoek bij bijna 5.000 mensen werpt licht op het perspectief van de werknemers. “Werknemers vinden gemiddeld dat ze ongeveer 2% efficiënter werken als ze van huis uit werken. Er is geen bewijs dat thuiswerken veel minder efficiënt is, zoals gevreesd voor de pandemie.”[7] De beoordeling van de ervaringen met thuiswerken tijdens de pandemie kan echter worden beïnvloed door verschillende factoren, zoals de kwaliteit van de IT-infrastructuur, de mogelijkheid om videocommunicatie te gebruiken, de plotselinge invoering, enz. Een overzicht van het pre-pandemische onderzoek over dit onderwerp bevestigt de sleutelrol van factoren als de aard van de job, de voorkeur of terughoudendheid van werknemers om van huis uit te werken en de manier waarop dit wordt ingevoerd door het management van het bedrijf. “Hoewel deze analyses een overzicht bieden van factoren die bepalen of deze organisatorische verandering succesvol zal zijn, laten ze niet toe de macro-economische impact op de productiviteit te bepalen.”[8]

Niettemin lijkt het, op basis van het onderzoek van de ECB, dat bedrijven in dit opzicht optimistisch zijn. “De meeste respondenten waren van mening dat de pandemie een positieve langetermijnimpact zou hebben op de productiviteit, maar een negatieve impact zou hebben op de werkgelegenheid … 60% zei dat de productiviteit in hun bedrijf of sector zou stijgen, terwijl haast niemand meldde dat de productiviteit zou dalen als gevolg van de pandemie op de lange termijn.” Toch blijft de vraag tot op welk punt thuiswerken moet worden ingezet. De OESO stelt dat er een omgekeerde U-vormige relatie bestaat tussen thuiswerken en de efficiëntie van werknemers, omdat de negatieve effecten – in termen van communicatie, kennisstromen, leidinggevend toezicht – voorbij een bepaald punt de positieve gevolgen van meer thuiswerken beginnen te domineren.[9] De exacte vorm van die relatie zal echter waarschijnlijk variëren afhankelijk van het relatieve belang van deze factoren per sector en beroep. Er zal empirisch onderzoek nodig zijn om de optimale combinatie te bepalen van van huis uit en ter plaatse werken.

Graphique EN édito 21.17

 

[1] Firms Expect Working from Home to Triple, Federal Reserve Bank of Atlanta, 28 mei 2020. De enquête toonde duidelijke sectorverschillen aan. “Het aandeel van de mensen die minstens één dag per week van huis uit werken zal naar verwachting aanzienlijk toenemen in bouw-, vastgoed-, mijnbouw- en nutsbedrijven, waarschijnlijk door frontofficepersoneel te laten telewerken. Hetzelfde scenario zullen we ook zien in de gezondheidszorg, het onderwijs, de recreatie- en horecasector, en andere diensten, mogelijk door over te stappen op oplossingen voor levering op afstand (bijvoorbeeld online onderwijs en virtuele doktersbezoeken). Bedrijven in de zakelijke dienstensector verwachten dat het telewerk zal toenemen tot bijna 45%.”

[2] De langetermijneffecten van de pandemie: inzichten uit een enquête bij toonaangevende bedrijven, ECB Economisch Bulletin, Nummer 8 / 2020.

[3] What’s next for remote work: An analysis of 2,000 tasks, 800 jobs, and nine countries, McKinsey Global Institute, November 2020.

[4] The productivity pitfalls of working from home in the age of COVID-19 | Stanford News, 30 maart 2020

[5] OECD, Productivity gains from teleworking in the post-COVID-19 era: how can public policies make it happen?, 7 september 2020.

[6] Bron: World Economic Forum, If pandemic productivity is up, why is innovations slowing down?, 16 november 2020. In de enquête antwoordde 39% van de respondenten dat de productiviteit niet was veranderd na het wijdverbreid invoeren van telewerken. 34% (16%) dacht dat de productiviteit enigszins was gestegen (gedaald), terwijl 10% (2%) van mening was dat werknemers aanzienlijk meer (minder) productief waren.

[7] Working from home is revolutionising the UK labour market, Shivani Taneja, Paul Mizen, Nicholas Bloom, VOXEU.org, 15 maart 2021. 49% van de ondervraagde personen was van mening dat de productiviteit ongeveer gelijk was als ze van huis uit werkten, terwijl 29% (21%) dacht dat de efficiëntie was toegenomen (afgenomen).

[8] Comment le télétravail affecte-t-il la productivité des entreprises? Les enseignements très partiels de la littérature, Pierre Pora, INSEE, 23 oktober 2020. Andere recente artikelen benadrukken ook het belang van deze bepalende factoren: What do we know about the economic effects of remote work?, Cyprien Batut, Youri Tabet, Trésor-Eco, N° 270, november 2020; Teleworking : how will it affect productivity, Antonin Bergeaud, Gilbert Cette, Banque de France, Eco Notepad, n°198, 5 januari 2021.

[9] OESO (2020).