In zijn presidentiële toespraak op de jaarlijkse bijeenkomst van de American Economic Association in 2017 stelde Nobelprijswinnaar Robert Shiller dat er rekening moest worden gehouden met de mogelijkheid dat de ernst van een recessie gekoppeld is aan het wijd verspreid zijn en de levendigheid van bepaalde verhalen. Deze vormen een narrative, een term die verwijst naar “een eenvoudige vertelling of gemakkelijk onder woorden te brengen uitleg over gebeurtenissen die veel mensen willen aanhalen in een gesprek of op nieuws- of sociale media omdat deze gebruikt kan worden om de bezorgdheid of emoties van anderen te prikkelen, en/of omdat hierdoor het eigenbelang lijkt te vergroten.” (vrije vertaling)[1] Narratives zijn relevant omdat ze toekomstige gedragingen kunnen beïnvloeden. Traumatische ervaringen uit het verleden, zoals geld verliezen bij een beurscrash, kunnen een invloed hebben op de manier hoe bepaalde beleggers, vele jaren later, omgaan met risico’s en onzekerheid. In de komende jaren kunnen minstens zes narratives worden gebruikt om terug te blikken op de economische ontwikkelingen in 2020.

Eerst en vooral, zwarte zwanen bestaan, of om het anders te zeggen: grote, onverwachte schokken doen zich voor. Omdat deze schokken zo zeldzaam zijn, is het moeilijk zich hierop voor te bereiden, bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering. De door de pandemie veroorzaakte schok bij vraag en aanbod was van een omvang die twaalf maanden geleden als ondenkbaar zou zijn beschouwd. De verstoring van de toeleveringsketens heeft ons wakker geschud en aangetoond hoe broodnodig het is om de veerkracht ervan te testen, aangezien klimaatgebeurtenissen of cyberbeveiligingsaanvallen ook staartrisico’s kunnen veroorzaken.

Ten tweede primeert, in termen van monetair beleid, de ‘koste wat het kost’-reactie. Kwantitatieve versoepeling wordt door een toenemend aantal centrale banken gebruikt, ook in opkomende markten. De Federal Reserve heeft toegezegd een gematigde en tijdelijke overschrijding van haar inflatiestreefcijfer te aanvaarden om mettertijd de gemiddelde inflatie in overeenstemming te brengen met haar doelstelling van 2%. Haar aankopen van bedrijfsobligaties hebben een belangrijke rol gespeeld bij het stabiliseren van deze markt, waardoor een verdere impact op de liquiditeit en solvabiliteit van heel wat emittenten werd vermeden. Deze week kondigde ze aan dat de activa-aankopen op zijn minst in het huidige tempo zullen doorgaan totdat er aanzienlijke vooruitgang is geboekt bij het bereiken van de doelstellingen voor maximale werkgelegenheid en prijsstabiliteit. Het noodaankoopprogramma van de ECB ter bestrijding van de gevolgen van de pandemie (PEPP) is van wezenlijk belang geweest bij het beheersen van het langere einde van de rentecurve, ondanks de aanzienlijke toename van het uitgiftevolume, en bij het verlagen van de spreads op overheidspapier versus Duitse staatsobligaties.

Ten derde werd de ‘koste wat het kost’-aanpak uitgebreid tot het begrotingsbeleid. De enorme toename van de begrotingstekorten was deels automatisch en dus onvermijdelijk – door de rol van automatische stabilisatoren – maar dit was ook het gevolg van cruciale beleidsbeslissingen om de gevolgen van de plotse en zeer diepe recessie voor huishoudens en bedrijven op te vangen via inkomenssteun, veranderingen in belastingen en leninggaranties.

Ten vierde werd bij de financiële beleggingen de aankoop van risicovolle activa – aandelen, bedrijfsobligaties, opkomende markten – luid toegejuicht in plaats van de markt de rug toe te keren. Dat heeft vooral te maken met de monetaire en budgettaire beleidssteun, waaronder de toezegging van de centrale banken om meer te doen indien nodig, maar ook met een omgeving van negatieve reële rentes.

Ten vijfde heeft de Europese Unie opnieuw aangetoond dat zij onder druk grote sprongen voorwaarts kan maken, getuige hiervan is het initiatief van EUR 750 miljard ‘Next Generation EU‘ dat op EU-niveau wordt gefinancierd en gedeeltelijk uit subsidies bestaat.

Ten slotte heeft iedereen intussen de mond vol van duurzame groei. Bedrijven met een hoge score voor de ESG-criteria hadden minder te lijden tijdens de aandelenuitverkoop in februari en maart. De pandemie moet mensen bewuster maken van hoe de opwarming van de aarde ook ‘zwarte zwaan’-gebeurtenissen kan teweegbrengen. Klimaatgerelateerde rampen zoals hittegolven, overstromingen en droogte zullen de komende decennia waarschijnlijk veel mensenlevens eisen en enorme economische schade veroorzaken. De noodzaak om bij te dragen tot het beperken van de stijging van de gemiddelde temperatuur en, meer in het algemeen, om in grotere mate zorg te dragen voor het milieu en zo het welzijn van de mensen te beschermen, heeft een sleutelrol gespeeld bij het bepalen van de prioriteiten van fiscale stimulansen op nationaal niveau – denk aan Frankrijk en Duitsland – en binnen Europa. Ondanks alle inspanningen om de opwarming van de aarde te beperken tot minder dan 1,5 °C zal het nog minstens tot het midden van de eeuw duren voordat CO2-neutraliteit kan worden bereikt en de wereldtemperatuurcurve tekenen van omkering kan vertonen.

Tot slot bieden bepaalde verhalen over 2020 die in de toekomst kunnen worden verteld comfort: het vooruitzicht op een grotere veerkracht van de aanbodzijde, het vermogen van de EU-landen om gezamenlijk op te treden, de focus op duurzaamheid en de ‘wij doen alles wat nodig is’-aanpak. Maar er zijn er ook die een waarschuwing inhouden, zoals de noodzaak om aandacht te besteden aan mogelijke onbedoelde gevolgen van een langdurig zeer soepel monetair beleid, aan het morele risico en aan de noodwendigheid om de overheidsfinanciën onder controle te brengen.

[1] Robert J. Shiller, Narrative economics, American Economic Review, 2017, https://doi.org/10.1257/aer.107.4.967

Chart 1 Edito 20.47Chart 2 Edito 20.47Chart 3 Edito 20.47Chart 4 - Edito 20.47Chart 5 Edito 20.47