Inclusieve groei kan worden gedefinieerd als “groei die zowel duurzaam is als breed gebaseerd op werkgelegenheidskansen[1]. In de afgelopen tien jaar kreeg het stimuleren van inclusieve groei een prominentere plaats in de agenda van regeringen, internationale instellingen en ook steeds meer bij bedrijven. Onder voorzitter Powell is het een belangrijk aandachtspunt geworden van de Federal Reserve. De introductie van Powell op de persconferentie na de laatste FOMC-vergadering illustreert perfect de focus op de heterogeniteit van individuele situaties: “De conjunctuurinzinking treft niet alle Amerikanen even hard en vooral de zwaksten moeten het ontgelden. Vooral de mensen met de laagste lonen in de dienstensector, vrouwen, Afro-Amerikanen en hispanics hebben sterk te lijden onder de hoge werkloosheid.”[2] Deze focus maakte ook integraal deel uit van de strategieherziening van de Fed. Daarom werden er tussen februari en oktober 2019 een groot aantal ‘Fed Listens‘-meetings georganiseerd doorheen de Verenigde Staten, waarbij een dwarsdoorsnede van de Amerikaanse samenleving haar standpunten over de economie, de inflatie, het monetaire beleid enz. kon uitdrukken [3]. De inzichten zijn op zijn minst fascinerend en tonen de kloof tussen theoretische concepten zoals de Phillips-curve of de natuurlijke werkloosheidsgraad en de realiteit op het terrein. De deelnemers vroegen zich af waarom de arbeidsmarkt als ‘hot’ werd bestempeld, terwijl de werkloosheid in hun eigen gemeenschap structureel hoog bleef. Bedrijfsvertegenwoordigers legden uit dat ze opleidingsprogramma’s hadden ontwikkeld om de aanwervingsproblemen op een krappe arbeidsmarkt aan te pakken. Opmerkelijk genoeg werd loonsverhoging niet beschouwd als een middel om werknemers aan te trekken en te behouden. In plaats daarvan werd de nadruk gelegd op opleidingsprogramma’s, gezondheidszorg of andere voordelen. Opvallend was ook dat de inflatie minder besproken werd dan de arbeidsmarkt. Tegen deze achtergrond is de verandering in de langetermijnstrategie van het FOMC des te begrijpelijker.  “Een sterke arbeidsmarkt kan aanhouden zonder een inflatie-uitbraak te veroorzaken”[4]. Technisch gezien, bij een vlakke Phillips-curve is een daling van de werkloosheidsgraad onvoldoende om het monetaire beleid te verstrakken, omdat deze daling geen informatie geeft over de toekomstige ontwikkeling van de inflatie. De centrale bank kan het zich permitteren om te wachten vooraleer het beleid te verstrakken. Vroeger, toen de Phillips-curve een opwaartse helling vertoonde, waren renteverhogingen preventief. Alan Greenspans favoriete metafoor was die van het binnenbrengen van een olietanker, een manoeuvre dat moet worden aangevat ruim voordat de haven in zicht komt. Het monetaire beleid kan nu reactief zijn met centrale bankiers die wachten op een voldoende opleving van de inflatie om in actie te komen. Hierbij is er weinig of geen keerzijde. Integendeel, deze aanpak laat mensen toe om toe te treden tot de arbeidsmarkt die anders geen baan zouden hebben gevonden of zelfs niet zouden hebben overwogen om werk te zoeken. Voor een centrale bank zoals de Federal Reserve met een dubbele doelstelling is dit een belangrijke overweging. Wanneer het natuurlijke werkloosheidspercentage niet met voldoende vertrouwen kan worden bepaald en wanneer de relevantie van het concept in vraag wordt gesteld vanwege de vlakheid van de Phillips-curve, moet het monetaire beleid zich rechtstreeks op de inflatie richten, in plaats van op de indicatoren van de arbeidsmarkt.

Chart édito 20.34 EN

Op 21 oktober organiseert de ECB haar eigen ‘luisterevenement’, waarbij voorzitster Christine Lagarde en hoofdeconoom Philip Lane in gesprek treden met vertegenwoordigers van verschillende Europese organisaties uit het maatschappelijke middenveld[5]. Het maakt deel uit van het werk dat in het kader van de strategieherziening wordt uitgevoerd. Men kan ervan uitgaan dat het ‘ECB Listens‘-event inzichten zal opleveren die veel gemeen hebben met deze van de ‘Fed Listens’-meetings. Belangrijker is de vraag of en hoe dit de beslissingen aan het einde van de strategieherziening van de ECB zal beïnvloeden. Hoewel de ECB alleen een inflatiedoelstelling heeft, moet een arbeidsmarkt die optimaal functioneert – wat kan worden gedefinieerd als hoge werkgelegenheidsniveaus in alle regio’s en sociaaleconomische categorieën – het bereiken van de inflatiedoelstelling vergemakkelijken. Aangezien er specifieke werkstromen zijn voor klimaatverandering en globalisering, die nauw samenhangen met een aantal aspecten van inclusieve groei, kan men hopen dat de heterogeniteit van arbeidsmarktsituaties – een andere belangrijke dimensie van inclusieve groei – ook zal worden meegenomen in de besprekingen.

[1] Bron: de Mello, L. & M. A. Dutz (red.) (2012), Promoting Inclusive Growth: Challenges and Policies,

OECD Publishing

[2] Bron: Federal Reserve, transcript van de persconferentie van voorzitter Powell, 16 september 2020

[3] Fed Listens – Perspectives from the public, June 2020 geeft een gedetailleerd rapport (131 pagina’s) over de resultaten van dit project.

[4] New Economic Challenges and the Fed’s Monetary Policy Review, commentaar van Jerome H. Powell, Fed-voorzitter, op ‘Navigating the Decade Ahead: Implications for Monetary Policy’, een symposium over economisch beleid, gesponsord door de Federal Reserve Bank van Kansas City, 27 augustus 2020

[5] Bron: ECB-website