Jaarlijks kijken veel aandelenbeleggers in december al reikhalzend uit naar het nieuwe jaar, hopend op het januari-effect van stijgende beurzen. Dat er op elke statistische ‘regel’ uitzonderingen zijn, is ook bij hen genoegzaam bekend, maar dit jaar liet de uitzondering geen spaander van de regel heel. De markten zaten in de wurggreep van bezorgdheid over China en gestaag dalende olieprijzen. Nog moordender werd de driehoeksverhouding tussen olie, Chinese aandelen en Wall Street door de negatieve terugkoppelingseffecten. De daling van de beurs van Shanghai herinnerde de markt aan de problemen van de Chinese groeivertraging wat dan weer de verwachte vraag naar olie en dus de prijzen naar beneden duwt. Dat woog op zijn beurt op Wall Street omdat beleggers daar vooral oog hadden voor de negatieve gevolgen van lagere olieprijzen: een stijging van het wanbetalingsrisico in het hoogrentende energiesegment en een negatieve impact op de economische voorwaarden in olieproducerende regio’s (VS) en landen. Gevolg: de onzekerheid nam toe wat de groeiverwachtingen, de import van ‘Made in China’-producten en de vraag naar olie drukt.

Niet meer dan logisch dus dat de correlaties recent sterk waren. Onderstaande grafiek toont de paarsgewijze correlaties over een periode van 30 dagen voortschrijdend tussen de aandelenindex van Shanghai, de S&P500 en Brent-olie.

chart29012016

Meerdere punten verdienen extra aandacht:

  1. De correlaties schommelden sterk en schommelden tussen positief en negatief.
  2. Sinds de lente van 2015 bewegen de paarsgewijze correlaties samen: de correlatie van de paarsgewijze correlaties was positief. Dit weerspiegelt de hogerop vermelde terugkoppelingseffecten.
  3. Zijn de correlaties bijzonder hoog, dan zijn ze dat doorgaans niet voor lang. Dat is zeker het geval voor de correlatie aandelen/olie en in mindere mate voor de correlatie Shanghai/S&P.
  4. Correlaties zoeken hun gemiddelden op. De gemiddelde correlatie tussen Chinese aandelen en Brent-olie is 0,01. Tussen Chinese aandelen en de S&P500 is dat slechts 0,28. Van de drie paarsgewijze correlaties is die tussen de S&P500 en olie het hoogst: 0,40
  5. Januari was in dit opzicht uniek met drie paarsgewijze correlaties dicht bij 1.

Nogmaals, een sterke correlatie is zelden een lang leven beschoren. Op basis van het nieuws vandaag dat Rusland op een productieverlaging van de OPEC aanstuurt, zouden we kunnen verwachten dat de correlatie tussen aandelen en olie afneemt. Voor een echt akkoord, als dat er ooit al komt, moet er nog veel water door de zee vloeien, maar door het nieuws vandaag moeten we toch al rekening houden met een tweezijdig olieprijsrisico (kans op daling én stijging) en dat zal de correlatie met aandelen wijzigen. Dit impliceert nog niet dat het teken van de correlatie wijzigt, maar het brengt toch al enig soelaas voor de belegger die deze maand zo zwaar op de proef werd gesteld door de gevolgen van een schijnbaar eindeloze daling van de olieprijs voor de aandelenmarkten.

 

William De Vijlder

Hoofdeconoom Groep, BNP Paribas

28 januari 2016