Eén van de verrassende ontwikkelingen sinds begin dit jaar was de stijging van de goudprijs. In het verleden werd vaak aangevoerd dat goud een veilige haven is. Ik had het altijd al moeilijk met die stelling: de goudprijs is immers volatiel en aan goud is geen vast rendement verbonden. Dat betekent dat de opbrengst voor de belegger volledig afhangt van de prijsschommelingen sinds het tijdstip van zijn aankoop. Een ander vaak gehoord argument is dat goud bescherming biedt tegen inflatie. Ook dat is betwistbaar. Onderstaande grafiek toont de evolutie van de op de markt gebaseerde inflatieverwachtingen in de VS over een periode van vijf jaar binnen vijf jaar. Deze cijferreeks wordt vaak gebruikt als maatstaf voor de inflatieverwachtingen van de huishoudens of de bedrijven, hoewel de verschillen met op peilingen gebaseerde inflatieverwachtingen aanzienlijk kunnen zijn. De zwarte lijn toont de goudprijs. Op het eerste gezicht is de correlatie zwak, ook al was deze vaak kortstondig hoog.

 2016 03 04

 Sinds begin 2016 daalden de inflatieverwachtingen, terwijl de goudprijs steeg. Anders gezegd: de correlatie was negatief. Bovendien zakten de aandelenkoersen eveneens (de blauwe lijn weerspiegelt de S&P500). Een mogelijke verklaring is dat goud uiteindelijk nog ‘de enige uitweg’ was nu risicovolle beleggingsklassen zoals aandelen, bedrijfsobligaties of obligaties uit de opkomende landen onder druk stonden. “En waarom geen Amerikaanse overheidsobligaties?”, hoor ik u vragen. Het verhaal hier is dat hun prijs door de daling van de obligatierente gevoeliger is geworden voor rentewijzigingen (de duration wordt langer). Als de markt dus op basis van sterkere cijfers rekening gaat houden met een grotere kans dat de Fed haar beleid verkrapt, zou dat een grote impact op de waarde van obligaties hebben. Dit impliceert dat goud vergeleken met schatkistpapier minder risicovol is geworden dan voorheen. In Japan en meerdere Europese obligatiemarkten waar de obligatierente tot aan bepaalde looptijden negatief is, kan goud zelfs als een carrypositie worden gezien. Dat is vrij ironisch aangezien goud geen rente biedt, maar je zou kunnen stellen dat een nulrente nog altijd beter is dan een negatieve rente.

Heel onlangs kwamen de kaarten weer anders te liggen en lijken we opnieuw in een omgeving van risicobereidheid te zitten: de S&P500 en de inflatieverwachtingen stijgen en de rally in goud stagneert. Het ziet ernaar uit dat de markten zich door correlatiestrategieën laten leiden waardoor ze al met al volatieler worden. Verrassende cijfers en verklaringen van centrale bankiers worden nu nog belangrijk dan ze al waren.