Centrale banken houden markten onder de duim

Tekst gepubliceerd in Le Jeudi (Luxemburg) op 4 september 2014

In theorie bepalen tal van factoren inderdaad het gedrag van de markten, maar in werkelijkheid zet het monetaire beleid de toon. Dat dit beleid een aanzienlijke impact heeft is niet meer dan logisch: het beïnvloedt niet alleen de hele rentecurve, maar ook de huidige waarde van andere vermogenscategorieën (aandelen, vastgoed, enz.) door de actualisering van de toekomstige geldstromen. Het brengt ook arbitrages op gang: de daling van de rente zet beleggers aan om meer risico te nemen.

Vandaag is die invloed niet alleen aanzienlijk, maar ronduit allesoverheersend. Meerdere fenomenen spelen daarin een rol. Ten eerste deden de centrale banken wat van hen werd verwacht, eerst tijdens de Grote Recessie en vervolgens telkens als de economische groei in ademnood leek te komen door steeds meer maatregelen te nemen (vandaar de golven van kwantitatieve versoepeling in de VS). Dat gebeurde ook toen het systemisch risico toenam (de beruchte toespraak van Mario Draghi in Londen in 2012 toen hij beloofde om de euro koste wat het kost te redden). Ten tweede zette die houding die vanzelfsprekend op applaus wordt onthaald de beleggers aan om te kopen telkens als de centrale bank haar beleid versoepelde. Bijgevolg stijgen de markten bij het geringste teken van nieuwe initiatieven, zoals de recente uitlatingen van Mario Draghi in Jackson Hole of een langer dan verwachte status quo van de basisrente (VS, VK). Ten derde worden de winstverwachtingen op de korte termijn hier minder belangrijk door: dat de winsten tegenvallen is immers geen drama, ze zullen wel weer stijgen zodra het monetaire beleid zijn vruchten afwerpt. En mocht dat toch niet gebeuren, dan worden er wel extra monetaire maatregelen genomen. Ten vierde, verkortte de beleggingshorizon omdat de onzekerheid over de vooruitzichten op de langere termijn (meer dan een jaar) toenam. Daarom hebben de markten meer aandacht voor het huidige niveau van de Amerikaanse basisrente dan voor het peil dat dit tarief pakweg eind 2015 kan bereiken. Bovendien kiezen beleggers meer dan vroeger voor een momentumstrategie door in te spelen op de trend.

Die dominantie van het monetaire beleid was tot nu gunstig voor de markten, maar in de toekomst kan die invloed minder eenduidig worden. In de VS zal er een dubbele aanpassing nodig zijn. Niet alleen zijn de uitspraken van de Federale Reserve onvoldoende afgestemd op de verbetering van de Amerikaanse economische context, ook de marktverwachtingen zijn minder agressief dan de verwachtingen van de centrale bank. In Europa werden de uitlatingen van Mario Draghi tijdens de conferentie van Jackson Hole geïnterpreteerd als een belofte om in de nabije toekomst over te stappen op een ambitieuzere monetaire versoepeling. De spectaculaire stijging van de aandelen- en obligatiemarkten die daarop volgde laat ruimte voor ontgoocheling als blijkt dat die interpretatie al te optimistisch was. Afspraak op de persconferentie van de ECB op 4 september.