Hoopvolle tekenen

Beleggers reageerden opgelucht dat enkele indicatoren na maanden van verzwakking recent op beterschap wezen. In China was in maart de inkoopmanagersindex al opgeleefd, zij het maar tot nipt boven de 50, en bleek nu dat de bbp-groei in het eerste kwartaal 6,4% jaar op jaar bedroeg, evenveel als het voorgaande kwartaal en iets meer dan verwacht. Dat biedt hoop aan de handelspartners van China, in de eerste plaats Duitsland, waar de exportcijfers de afgelopen maanden sterk zijn teruggevallen. Ook in Duitsland waren de cijfers beter, zowel in de dienstensector als in de handel en de bouw, met als grote uitzondering de verwerkende industrie, die blijft kwakkelen. De inkoopmanagersindex voor de dienstensector verbeterde in maart voor de eurozone als geheel. Italië en Spanje gingen erop vooruit, terwijl Duitsland stabiel bleef ruim boven de 50. Ook in Frankrijk verbeterden de cijfers wat. In de VS werden de bijzonder zwakke arbeidsmarktcijfers in februari gevolgd door solide cijfers over maart.

Blijvende bezorgdheid

Ondanks die hoopvolle tekenen houdt de bezorgdheid om diverse redenen aan. Een daarvan is de vervlakking van de Amerikaanse rentecurve. Hoelang het duurt voor daarop een recessie volgt varieert en wellicht hebben jaren van expansief monetair beleid, inclusief kwantitatieve versoepeling, de vorm van de curve beïnvloed. Toch kan haar reputatie als vrij betrouwbare voorlopende indicator uiteindelijk bedrijven en banken bij beslissingen over investeringen of kredieten tot meer voorzichtigheid aanzetten en zo de reële economie beginnen te beïnvloeden. Uit een peiling die Duke University in april bij de CFO’s van 469 Amerikaanse bedrijven afnam, bleek dat 38% een recessie verwacht tegen het eerste kwartaal van 2020, 67% tegen het derde kwartaal van 2020 en 84% tegen het eerste kwartaal van 2021. De vraag is ook of de Chinese economie op eigen kracht verder kan verbeteren of blijvende stimuleringsmaatregelen nodig heeft. Een derde onbekende zijn de langetermijngevolgen van de langdurige onzekerheid. De berichtgeving laat uitschijnen dat China en de VS dicht bij een handelsakkoord staan, maar het is afwachten welke concrete gevolgen dat zal hebben (betere markttoegang? veranderende handelsstromen?). Inmiddels hebben ook de VS en de EU onderhandelingen aangeknoopt, die een nieuwe bron van onzekerheid kunnen worden. Bovendien blijft onduidelijk hoe de brexit afloopt. De woordkeuze in de vooruitzichten van het IMF voor de wereldeconomie in april is ontnuchterend (nadruk toegevoegd, eigen vertaling): “De prognose voor de groei van de wereldeconomie vloeit voort uit een combinatie van tanende conjuncturele krachten en een terugkeer naar zwakke potentiële groei in de geïndustrialiseerde landen, een kwetsbaar herstel in de opkomende markten en de ontwikkelingslanden, dat in sterke mate afhankelijk is van economieën die momenteel ernstige macro-economische problemen ondervinden, en complexe factoren die in beide groepen de vooruitzichten voor de potentiële groei bepalen.

Monetaire steun wakkert risicobereidheid aan, bezorgdheid over de groei remt af

De centrale banken hebben daarom de toon gematigd. Aangezien in de eurozone de economie vertraagt en de inflatie laag blijft (amper 0,8% kerninflatie in maart), start de ECB met een nieuw programma voor gerichte langerlopende herfinancieringstransacties (TLTRO). Dat moet de kredietverlening aanzwengelen nu – zoals uit de laatste peiling naar de kredietverstrekking door banken blijkt – de vraag naar krediet bij bedrijven afneemt. Tegelijk heeft de Federal Reserve, die kan terugvallen op een combinatie van boventrendmatige groei en een stabiele inflatie dicht tegen het beoogde niveau, al meermaals benadrukt dat ze afwacht alvorens een wijziging van de beleidsrente te overwegen. Die steun vanuit monetaire hoek heeft de aandelenkoersen doen opveren en de S&P 500 noteert nu dicht tegen zijn recordniveau van eind september 2018. De rente op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties ligt daarentegen nog altijd 70 basispunten onder het niveau van september. Wanneer de markten tegenstrijdige signalen over de groei uitsturen, is waakzaamheid geboden.

Amerikaan