Maandag 28 april 2014 

Brussel

Tijdens een vergadering met klanten over onze assetallocatie benadruk ik het belang van risicoanalyse en de bewaking van het risico in stressomgevingen en vanuit het oogpunt van de blootstelling aan risicofactoren. Die blootstelling is belangrijk omdat spreiding slechts een illusie kan zijn: aandelen en hoogrentende bedrijfsobligaties zijn sterk gecorreleerd in economische en financiële termen en de prijzen van CDS (Credit Default Swaps) op schuldpapier uit de opkomende landen correleren sterk met Amerikaanse aandelen, hoogrentende obligaties en de Chicago Board Options Exchange Volatility Index. Stresstesten zijn erg relevant als het gerealiseerde risico laag is en kunnen de alarmbel luiden als de intrinsieke risico van de portefeuille te hoog worden. 

Dinsdag 29 april 2014 

Brussel

In mijn maandelijks telefoongesprek met onze CIO voor India in Mumbai klinkt hij positiever over ’s lands economische fundamentele factoren, met inbegrip van de groeiverwachtingen. Op de korte termijn blijft de politiek het klimaat bepalen. De uitkomst van de verkiezingen die meerdere werken duren wordt op 16 mei bekendgemaakt. De markt verdisconteerd een overwinning van dhr. Modi, dus als hij verliest zal de reactie navenant zijn. Later die dag spreek ik met een collega in ons Multi Asset Solutions team over de Sharpe-ratio’s (gelijk aan de excess return vergeleken met cash gedeeld door de volatiliteit van de beleggingsklasse) op de lange termijn van verschillende beleggingsklassen De resultaten zijn bijzonder aantrekkelijk voor bedrijfsobligaties, ook in het hoogrentend segment, die vaak hogere Sharpe-ratio’s bieden dan aandelen.

Woensdag 30 april 2014 

Parijs

Ik voer een interessant gesprek met leden van onze teams voor kredietonderzoek over contingent convertibles (CoCo’s), een vorm van hybride schuldpapier voor banken dat door de regelgevers in het leven werd geroepen na de crisis van 2008. Banken moeten inderdaad meer eigen vermogen (Common Equity Tier 1 – CET1) aanhouden, plus een buffer van hybride schuldpapier dat automatisch in aandelen wordt omgezet als een groot verlies de solvabiliteit van de bank in het gedrang brengt. Deze instrumenten hebben een erg duidelijk doel (wat tot goede emissies leidt). De vraag ernaar is groot, maar ze zijn complex. Van beleggers vereisen ze een selectieve benadering op basis van grondig onderzoek.

Donderdag 1 mei 2014 

Dag van de arbeid, een officiële feestdag die ik met noeste arbeid in de tuin doorbreng.

Vrijdag 2 mei 2014 

Brussel

In een interview met de Belgische financiële televisiezender Kanaal Z bespreek ik de aantrekkende fusie- en overnameactiviteit. Uit onderzoek van Citi blijkt dat het volume sinds begin dit jaar is verdubbeld vergeleken met vorig jaar rond dit tijdstip. De fusie- en overnamemotor lijkt dus op volle toeren te draaien, maar is nog niet oververhit. Uit hetzelfde onderzoek blijkt immers dat de M&A-transacties als een percentage van de marktkapitalisaties 1,6 % vertegenwoordigen vergeleken met een eerdere piek van 2,5%. De katalysatoren lijken vrij duidelijk:

  1. het verbeterend klimaat in de ontwikkelde economieën verhoogt het vertrouwen van bedrijven
  2. de stijging van de beurskoersen maakt van aandelen een interessant instrument voor de financiering van overnames.
  3. financiering via schuldmarkten is erg makkelijk dankzij de enorme honger naar rendement bij beleggers
  4. een bedrijf kopen lijkt veiliger dan de kapitaaluitgaven verhogen
  5. Amerikaanse bedrijven hebben enorme winsten geboekt in het buitenland en stoppen dat geld liever in de overname van buitenlandse bedrijven dan dat ze het repatriëren en er belasting op moeten betalen.

Dit alles komt beleggers goed uit omdat het stijgingspotentieel biedt voor stock pickers, ten minste voor de overnamedoelen. Uit het onderzoek van Citi blijkt overigens dat bieders niet afgestraft worden waardoor beleggers (nog) niet bezorgd zijn dat ze te veel betalen. Op de middellange termijn kan daar verandering in komen als de premies stijgen omdat het verhoogd gebruik van schuldpapier obligatiehouders nerveus zal maken. De vermogenscreatie (via hogere aandelenprijzen) versus inkomenscreatie (via een hoger bbp) stelt eveneens problemen. In geval van een voorkeur om bedrijven te kopen boven kapitaaluitgaven zal de bbp-groei vertragen.

 

William De Vijlder

Vice – Chairman van BNP Paribas Investment Partners