William De Vijlder

Economische Research BNP Paribas

Wat verklaart de stijging van de obligatierendementen en de beurzen?

Lees meer
Inschrijven op de blog

Halloween, angst en de economie

Hebben fluctuaties in de onzekerheid een symmetrisch of een asymmetrisch effect op de economie? De vraag is belangrijk, aangezien de onzekerheid sinds vorig jaar de wereldwijde groei afremt. Bovendien heeft het recente nieuws over de handelsbesprekingen tussen de VS en China en de brexit de hoop gewekt dat de onzekerheid zijn piek heeft gehad en de groei van de activiteit kan gaan versnellen. Uit empirisch onderzoek blijkt dat een toename van de onzekerheid een groter effect heeft op de economie dan een daling, met name in een klimaat met gematigde groei. Dat kan erop wijzen dat, als de dalende onzekerheid wordt bevestigd, de groei heel geleidelijk zal aantrekken.

Lees meer
 
question mark

Onzekerheid: aan het pieken of aan het veranderen?

Het handelsconflict tussen de VS en China en de brexit zetten de groei al geruime tijd onder druk. Recente ontwikkelingen hebben de verwachting gewekt dat deze bronnen van onzekerheid hun piek misschien wel achter zich hebben. Als dat zo zou zijn, dan kan dat de uitgaven stimuleren doordat de vraag van bedrijven of gezinnen een inhaalbeweging maakt. In een klimaat van vertragende mondiale groei en, om het IMF te citeren, broze vooruitzichten voor volgend jaar, zal het waarschijnlijk niet zo’n vaart lopen, aangezien de huidige onzekerheden gewoon plaats zullen maken voor nieuwe: de onzekerheid heeft op bepaalde plaatsen misschien gepiekt, maar zal waarschijnlijk gewoon andere oorden opzoeken.

Lees meer
 
IMF

IMF: idiosyncratisch herstel zal bescheiden opleving van de groei stimuleren

Volgens de hoofdeconoom van het IMF zijn de groeivooruitzichten precair. Hoewel het fonds voor volgend jaar een lichte groeiopleving verwacht, is dat te danken aan een kleine groep opkomende en ontwikkelende economieën die momenteel onder druk staan of ondermaats presteren. De bescheiden groeiversnelling is eerder het gevolg van specifieke factoren van bepaalde landen dan van de verwachting dat er een algemene verbetering aankom. In de VS zal de groeivertraging naar verwachting tot ver na 2020 aanhouden en de Chinese groei zal volgend jaar vermoedelijk dalen naar 5,8%. Tegen die achtergrond lijkt de verwachte lichte opleving in de eurozone, die wordt aangestuurd door Duitsland en Italië en die veronderstelt dat de buitenlandse vraag weer wat aantrekt, een uitdaging.

Lees meer
 
Berlin Government dstrict

Duitsland: fiscale stimuli, hoop versus realiteit

Duitsland zit waarschijnlijk in een technische recessie en recente cijfers laten niet vermoeden dat er op korte termijn verbetering aankomt, integendeel. Gezien het grote begrotingsoverschot van het land vragen de Duitse bedrijfsleiders om fiscale steunmaatregelen. Dat sluit aan bij het pleidooi van Mario Draghi om in landen die dat aankunnen, wat meer fiscale ruimte te voorzien in de begroting. Uit simulaties blijkt dat het doorvoereffect naar andere landen van de eurozone klein zou zijn. Bovendien vergt een fiscaal pakket een lange voorbereiding, wat kan worden bemoeilijkt door tekorten op de arbeidsmarkt.

Lees meer
 
Fed versus ECB

Fed & ECB: twee verschillende benaderingen van monetair beleid

De Amerikaanse en de Europese centrale bank nemen heel verschillende standpunten in: de Federal Reserve heeft meer ruimte om haar monetaire beleid te versoepelen en zit dichter bij haar doelstellingen. De ECB heeft daarentegen maar een beperkte manoeuvreerruimte, want ze kampt met een inflatie die onder het doel ligt, met het risico dat de kloof eerder nog zal vergroten dan krimpen.

Lees meer
 
BCE

ECB: Mario Draghi geeft de fakkel door

De markt had hooggespannen verwachtingen, maar de raad van bestuur heeft niet teleurgesteld. Doordat het pakket zo allesomvattend is, met de invoering van aanwijzingen over het toekomstige monetaire beleid die afhangen van de economische toestand, hoeven er voor de nabije toekomst geen bijkomende maatregelen meer worden overwogen. Het inschatten van het beleid van de ECB is vernauwd tot het opvolgen van het verschil tussen inflatie en de inflatiedoelstelling. Door een aantal negatieve neveneffecten van de huidige monetaire mix, die de raad van bestuur onderkent, wordt er op gerekend dat het begrotingsbeleid, waar daar ruimte voor is, zal worden ingeschakeld om de groei te stimuleren en de inflatie sneller in de buurt van het doelcijfer te brengen. De beleidsfakkel is doorgegeven.

Lees meer
 
Interrogations

Ondanks dalende rente tragere groei door onzekerheid

Peilingen bij Amerikaanse bedrijven schetsen een gemengd beeld: de verwerkende industrie verzwakt, maar de dienstensector herstelt aardig. Als we verder kijken, zien we echter steeds meer tekenen dat de economie vertraagt. Verzwakking is merkbaar in de groeimotoren van de wereldeconomie – China en India – zij het om verschillende redenen. In Europa is Duitsland technisch gesproken wellicht al in recessie, terwijl Frankrijk standhoudt. De centrale banken voeren een verruimend beleid, maar de grote onzekerheid ondermijnt de doeltreffendheid daarvan, ook al kondigden de VS en China nieuwe handelsgesprekken aan.

Lees meer
 
Markten en financiële beleggingen

VS: het signaal en de ruis

Voor een inschatting van de economische vooruitzichten kunnen de activaprijzen een nuttige rol spelen. Er heerste enige bezorgdheid over de forse daling van de rente op staatsobligaties in augustus, hoewel de VS volgens een nowcast in het derde kwartaal een bevredigende groei laat optekenen. Dit zou betekenen dat de toegenomen onzekerheid over het handelsgeschil heeft gezorgd voor een vlucht naar veilige havens en een daling van de langetermijnrente. Schommelingen in de communicatie over het handelsgeschil veroorzaken schommelingen in de onzekerheid onder beleggers en bijgevolg in de risicopremies. Daardoor zijn activaprijzen een minder goed signaal, wat uiteindelijk druk kan uitoefenen op de reële economie.

Lees meer
 
inflation definition

Eurozone: een algemeen klimaat van lage inflatie met hier en daar enkele uitzonderingen

Ondanks een stijging in juni blijft de kerninflatie in de eurozone hardnekkig laag. Er zijn aanzienlijke verschillen tussen landen en tussen de uitgavencomponenten van de prijsindex. Voor kleding en schoeisel, meubilair en huishoudapparatuur, vervoer en communicatie is de inflatie laag. Ze is hoger voor artikelen die te maken hebben met huisvesting, restaurants en hotels, diverse goederen en diensten en ontspanning en cultuur. De inflatie van de prijzen van industriële goederen buiten de energiesector is erg laag. Als dit zo doorgaat, dan zou de hogere inflatie die de ECB met haar algemeen verwachte nieuwe beleidsversoepeling nastreeft, van de dienstensector moet komen. Uit onderzoek blijkt echter dat de prijzen van diensten langzamer reageren op het monetaire beleid en de economische activiteit. Monetaire verruiming zal nog niet zo gauw verdwijnen.

Lees meer
 
werkgelegenheid

Hoe doeltreffend is monetaire verruiming bij volledige werkgelegenheid?

Fed-voorzitter Jerome Powell bevestigde deze week in het Congres dat er verruiming op komst is. Ook ECB-voorzitter Mario Draghi zinspeelde daar in juni al op. Die keuze is ingegeven door toenemende bezorgdheid over de groei van de wereldeconomie en de te lage inflatie. De risico’s lopen wel op, maar de werkloosheid ligt dicht tegen het natuurlijke percentage.Er zijn redenen om aan te nemen dat monetaire verruiming bij volledige werkgelegenheid minder doeltreffend is dan wanneer de economie in recessie is. Een verruimend beleid kan ook twijfels doen rijzen over de financiële stabiliteit. Als daar geen antwoord op komt, beperken die mogelijk het vermogen van het monetaire beleid om de inflatie aan te wakkeren.

Lees meer
 
monetair beleid

Exogene versus endogene onzekerheid en monetair beleid

Hoge onzekerheid kan de groei drukken. Of monetaire versoepeling er al dan niet in slaagt om de groei aan te zwengelen, hangt van de aard van de onzekerheid af. Bij endogene onzekerheid die voortvloeit uit de normale ontwikkeling van de bedrijfscyclus zouden renteverlagingen erin moeten slagen om de onzekerheid weg te nemen doordat ze de marktpartijen vertrouwen inboezemen. Exogene onzekerheid hangt niet samen met de bedrijfscyclus, maar wordt veroorzaakt door andere factoren zoals de huidige handelsgeschillen. In dat geval is het monetaire beleid minder doeltreffend en blijft de groei ondanks renteverlagingen waarschijnlijk vertragen tot het probleem (de exogene onzekerheid) bij de wortel is aangepakt.

Lees meer
 
zone euro

Eurozone: als het regent in de industrie, druppelt het dan in de dienstensector?

Een belangrijke vraag is, aldus Mario Draghi, hoelang de rest van de economie beschut kan blijven tegen de verzwakking in de verwerkende industrie In het verleden vertoonden de inkoopmanagersindices (PMI) voor de verwerkende industrie en de dienstensector een verregaande correlatie. Dat komt deels doordat diensten een belangrijke rol in de industriële waardeketen spelen. Hoe goed de dienstensector in de toekomst standhoudt, hangt vooral af van wat er in Duitsland gebeurt. Daar is de kloof tussen beide PMI’s abnormaal breed.

Lees meer
 

ECB: klaar voor verdere verruiming, maar niet gehaast

De ECB heeft haar beleid licht versoepeld door de vooruitzichten voor de beleidsrente te verlengen. De voorwaarden voor TLTRO III zijn daarentegen wat minder gul dan bij de vorige editie. Belangrijk is dat in de raad van bestuur het debat is aangevat over hoe de ECB moet reageren als het klimaat verslechtert. Gezien de fundamentele factoren in de eurozone is de ECB begrijpelijkerwijs nog niet gehaast om op de aanslepende onzekerheid te reageren. Zo houdt ze nog wat troeven achter de hand.

Lees meer
 
psychology

Krijgt psychologie de bovenhand op de kerncijfers?

Uit een recente peiling bij 469 CFO’s van Amerikaanse bedrijven blijkt dat 84% tegen het eerste kwartaal van 2021 in de VS een recessie verwacht. Daarmee rijst de vraag of die negatieve verwachtingen uiteindelijk de terugval niet zelf in de hand werken. Een positieve correlatie tussen het ondernemersvertrouwen en de bedrijfsbeslissingen kan erop wijzen dat de fundamentele factoren verbeteren (of dat ondernemers dat verwachten). Ze kan echter ook het gevolg zijn van dierlijke instincten. Empirisch onderzoek door CESifo op basis van gegevens voor Duitse bedrijven bevestigt dat die een rol spelen. Per saldo heeft instinctief optimisme een groter effect dan instinctief pessimisme.

Lees meer
 
zone euro

Gemengde signalen uit de eurozone

De peilingen die afgelopen week verschenen, stuurden gemengde signalen uit: het consumentenvertrouwen verbeterde, de Ifo-index van het ondernemersvertrouwen in Duitsland verzwakte en de INSEE-indicator in Frankrijk stabiliseerde. De inkoopmanagersindices (PMI’s) van IHS Markit stabiliseerden de voorbije maanden, op een bescheiden tot laag niveau voor de industrie en op een wat beter niveau voor de dienstensector. Verschillende indicatoren van de binnenlandse vraag blijven positief. Toch heerst er nog steeds bezorgdheid, vooral door factoren waar de eurozone geen zeggenschap over heeft, met een verdere verhoging van de invoerrechten als grootste schrikbeeld.

Lees meer
 

VS: de terugslag van invoerheffingen

Invoerrechten hebben een negatief effect op het geviseerde land. Tegenmaatregelen treffen op hun beurt het land dat als eerste de tarieven verhoogde. Zelfs als een reactie uitblijft, ondervindt dat negatieve gevolgen. De consumentenbestedingen lijden onder koopkrachtverlies want de stijgende invoerprijzen en/of de overstap op in eigen land geproduceerde goederen wakkeren de inflatie aan. Daardoor dalen per saldo wellicht de bedrijfswinsten. Door de toegenomen onzekerheid gaan bedrijven bovendien mogelijk minder investeren.Al die gevolgen zijn aangetoond via empirisch onderzoek.

Lees meer
 
COAL

Europa: lagere CO2-uitstoot uit energieverbruik

In de Europese Unie is de CO2-uitstoot door de verbranding van fossiele brandstoffen in 2018 met 2,5% gedaald ten opzichte van het jaar ervoor ■Aangezien het bbp is gestegen, betekent dit dat de koolstofintensiteit is gedaald, waarmee er een langetermijntrend wordt voortgezet. De ontwikkelingen verschillen van land tot land en in heel wat landen is de uitstoot gestegen. Ook zijn er aanzienlijke verschillen in de uitstoot per hoofd van de bevolking afhankelijk van het niveau van economische ontwikkeling, ofschoon dit slechts een van de vele factoren is die een invloed hebben op de emissie-intensiteit.

Lees meer
 
global economy

Bezorgdheid blijft ondanks hoopvolle tekenen

Beleggers reageerden opgelucht op enkele recente cijfers, waaruit bleek dat de groei in China en de eurozone stabiliseert. In de VS vertraagt de economie wel, maar blijft de groei op korte termijn wellicht behoorlijk. Toch houdt de bezorgdheid over de onderliggende sterkte van de wereldeconomie aan. Het IMF heeft zijn prognoses opnieuw naar beneden bijgesteld en verwacht dat de groei pas later dit jaar licht aantrekt. Ook de vervlakking van de Amerikaanse rentecurve wakkert de vrees voor teleurstellende groei aan. De Federal Reserve houdt vol dat de vooruitzichten gunstig zijn en stelt zich afwachtend op. Die aanpak werd op de markten positief onthaald. Toch schetsen de aandelen- en obligatiemarkten een heel verschillend beeld van de toekomstige groei – weer iets waar beleggers zich zorgen over kunnen maken.

Lees meer
 
GROEI

VS: sterke groei, maar twijfels over de kwaliteit

Volgens Jerome Powell zijn de fundamentele factoren van de Amerikaanse economie nog altijd solide. In het eerste kwartaal was er sterke groei, maar er is bezorgdheid over de kwaliteit daarvan. Positief waren de dalende invoer en voorraadopbouw, terwijl de huizenmarkt een remmende factor was. De komende maanden veert de invoer wellicht weer op en slaan bedrijven minder voorraden in. Om die verwachte tegenwind voor de groei te neutraliseren, moeten de consumentenbestedingen en bedrijfsinvesteringen aantrekken.

Lees meer
 
public finance

Groei, rentevoeten en overheidsschuld

De relaties tussen overheidsschuld, economische groei en rentevoeten zijn complex en gevarieerd. In het algemeen veroorzaakt een recessie een stijging van de overheidsschuld en een daling van de financieringskosten van de overheid. Als er tijdens een conjuncturele opleving gedurende een langere periode een verruimend monetair beleid wordt gevoerd, kan de gemiddelde nominale rente op de overheidsschuld dalen tot onder de nominale bbp-groei Dergelijke situatie kan ruimte creëren voor budgettaire expansie om de groei te ondersteunen maar dit hangt af van het niveau van het primaire saldo.

Lees meer
 
William De Vijlder

In verband William De Vijlder

William De Vijlder, Group Chief
Economist
BNP Paribas
Lees meer
Menu